NEPAL - Ik ben een vreemdeling
Foto: www.reismetmij.be
Ik ben een vreemdeling in een Aziatisch land. Een nieuwkomer in een land waar er geen inburgeringscursus bestaat. Een land waar ik mezelf een weg moet zoeken. Waar er geen overheid bestaat die je helpt. Waar je niet gepamperd wordt met Belgische sociale voordelen. Het is erop of eronder.

Ik ben een vreemdeling in Nepal. En dat besef ik maar al te goed. Een 'kohiree' ofwel 'een witte'. Zo hoor ik de mensen mij noemen als ik op straat loop. Soms roepen kinderen mij na: 'Hé witten!'  Maar dan in het Nepalees. Dan kijk ik om, en lach ik. Dan roep ik in het Nepalees terug: 'Hé zwarten!'  Dan schateren ze. In België stapt men dan onmiddellijk naar het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding. Hier bestaat zoiets niet.  Ik ben immers wit. En zij zwart. Nou ja, bruin. Feit.

Ik ben een vreemdeling en dat zal ik ook blijven. Ik kan geen Nepalees worden. Ik moet immers elke maand betalen om hier te mogen wonen. Geen gratis verblijfsvergunning met allerhande sociale voordelen. Niets. Als ik ziek word, betaal ik alles. Als ik geen huis heb, dan leef ik op straat. En stemmen mag ik ook niet. Ook als ik kinderen heb, moeten zij een visum kopen. Kwalitatief onderwijs is hier peperduur en niet gratis zoals in België. 

Ik ben een vreemdeling. Ik spreek één van de landstalen vloeiend. Een tweede begrijp ik en spreek ik matig. Ik heb vrienden uit alle kasten en niveaus van de samenleving. Wij drinken bier en eten chocolade. Onze keuken is typisch Nepalees, dan weer eens een cross-over tussen België en Azië, en soms gaan we eens chic eten in een Italiaans restaurant.  Oja, om het nog wat complexer te maken, ben ik ook een Vlaamse boeddhistische vegetariër die getrouwd is met een hindoeïstische brahmaan die in het Oost-Vlaams vloekt.  Ik pas mij aan en combineer het beste van verschillende culturen. Ik neem deel aan de verschillende culturele festivals van de verschillende tradities. Wij dringen niets op. Wij proberen enkel bij te dragen tot deze samenleving.

Ik ben een vreemdeling die jobs creëert en aan filantropie doet. Wij zijn vanaf nul begonnen. Helemaal niets. Wij bouwden een succesvol reisbureau uit en doen nu ook verschillende filantropische werken. Zo bouwden wij het voorbije jaar vijf huizen die verwoest waren na de aardbeving. Momenteel sponsoren wij acht kansarme kinderen in hun onderwijs. En als ik kansarm zeg, dan bedoel ik kansarm. Geen Belgische kansarmoede. 

Ondanks het feit dat ik nooit deel zal uitmaken van deze cultuur, dat ik mijn eigen niche heb moeten creëren, dat ik maandelijks moet betalen om hier te mogen wonen, dat ik geen uitkering kan krijgen (ook niet meer in België),... hoor je mij toch niet klagen.  Ik denk dat wij in het Westen een cruciale fout maken door minderheidsgroepen als knuffeldiertjes te gaan beschouwen wiens middeleeuwse ideeën a priori beschermd moeten tegen elke vorm van kritiek. Ik vrees ervoor dat dit de doodsteek wordt voor de idealen
van ons Verlichtingsdenken. Door in een Derde Wereldland te wonen, ga je pas echt de idealen van de Verlichting gaan appreciëren. 

Advies aan alle migranten van de vierde generatie: jullie hebben een luxe-probleem. Door migranten van de vierde generatie als kansarm te bestempelen vind ik zwaar stigmatiserend.  Als er in België te weinig kansen zouden zijn, moet je je echt niet laten intimideren. Dus nadat je na vier generaties, quasi gratis top onderwijs genoten te hebben en allerlei sociale voordelen hebt mogen benutten, nog vindt dat je kansarm bent, dan moet je echt niet bij de pakken blijven zitten. Want met een Belgisch paspoort ben je nooit kansarm. Heel de wereld ligt voor je open en je kan overal naartoe gaan om te ondernemen: Bangkok, Hong Kong, Mumbai, New York,...  
Als je uiteraard die kans wenst te grijpen ...