ANTWERPEN - In Tokyo zijn de toonaangevende aandelenindices maandag met stevige verliezen geeindigd. De olieprijs is in New York tot bijna 70 dollar per vat gestegen en beleggers vrezen dat consumenten hierdoor minder zullen kunnen uitgeven voor andere producten. Bovendien staat in Japan het resultatenseizoen voor de deur, wat aanleiding gaf tot winstnemingen op vastgoed- en retailaandelen.
De olieprijs zit sinds midden februari in de lift. De recente stijgingen zijn vooral een gevolg van de oplopende spanning rond Iran en het aankomende zomerseizoen in de VS, dat voor een hoog benzineverbruik zorgt. Maandagmorgen staat de WTI-future in New York 0,75% hoger op USD 69,84. Vrijdag was er geen officiele handel, maar in de elektronische nabeurshandel bereikte de prijs even de USD 70.

De Nikkei225 eindigde 1,35% lager op 17.000,36 punten bij 211 dalers, 13 stijgers en 1 onveranderd aandeel. De brede Topix verloor 1,4% tot 1.719,05 punten.

De financiele aandelen stonden onder druk. De financiele regelgever in Japan verplichtte Aiful, de belangrijkste verschaffer van consumentenkrediet in Japan, vrijdag gedurende 3 dagen alle activiteit te staken, als straf voor ongepaste methoden om consumentenleningen binnen te halen. Vijf takken van Aiful moeten zelfs 25 dagen hun zaken stilleggen. Aiful verloor 6,8% tot JPY 6.710. Ook andere kredietverleners gingen lager. Acom zakte 3,9% tot JPY 6.590 en Takefuji verloor 2,65% tot JPY 7.350. Bij de grote financiele instellingen moest Mitsubishi UFJ 1,1% lager tot JPY 1,82 miljoen en daalde Mizuho 2,8% tot JPY 972.000.

Autoconstructeurs en producenten van consumentenelektronica stonden onder druk. Mazda Motor zakte 2,1% tot JPY 713, Mitsubishi Motor 1,6% tot JPY 246. Sanyo verloor 1,9% tot JPY 307 en Olympus 1,7% tot JPY 3.430.

In de sector van de detailhandel moest Seven & I Holdings, de holding boven Ito-Yokado en Seven Eleven Japn, 1,9% lager tot JPY 4.670. De vastgoedgroep Mitsubishi Estate eindigde 2,5% lager op JPY 2.500.