BRUSSEL -- Alken Maes, de tweede grootste brouwer van België, heeft de regionale biermerken Ciney en Brugs gekocht. Met een vollediger merkenplaatje wil Alken Maes de ,,eerste uitdager'' van Interbrew worden, tot nader order de afgetekende marktleider in België. Voor de export rekent de groep op de marketingmachine van moedermaatschappij Danone.

Alken Maes voegt twee flesjes toe aan het aanbod. De pilsbieren Maes en Cristal -- doordrinkers in het brouwersjargon -- en het abdijbier Grimbergen krijgen het gezelschap van het streekbier Ciney en het in West-Vlaanderen populaire Brugs Tarwebier. Daarnaast zijn er gesprekken aan de gang voor een groter merk, van het type speciaal bier. Dat maakte afgevaardigd bestuurder Rudy De Hainaut bekend op een persconferentie in het Brusselse Brouwershuis.

Met een omzet van 6,5 miljard frank en een marktaandeel van 15 procent is Alken Maes de ,,grootste van de kleintjes'' in België. Maar tegenover de biergigant Interbrew heet dat nog altijd ,,klein bier''. Het bedrijfsstatement van De Hainaut schippert dan ook tussen gepaste bescheidenheid en de wil om een geducht concurrent te worden. Sterk en authentiek zijn op de thuismarkt, luidt het, en exporteren wat in het buitenland kansen heeft.

De twee overnames zijn een stap naar sterkere regionale aanwezigheid. Cristal is sinds mensenheugnis de meest geliefde pils in Limburg. Het witbier van Brugs moet de regionale aanwezigheid in het Westen verhogen. En van Ciney wil De Hainaut zijn bruggenhoofd in Franstalig België maken. Anders dan bij het Brugse witbier nam Alken Maes de hele brouwerij van Ciney over van de familie Demarche.

Met Brugs heeft Alken Maes ook internationale plannen. Bij de overname van Brugs werkte de groep niet toevallig samen met Kronenbourg, net als Alken eigendom van de Franse voedingsketen Danone. In het kielzog van de stijgende populariteit van de Belgische bieren in het buitenland zou er voor Brugs, in Frankrijk verkocht als ,,Blanche de Bruges'', een groot potentieel bestaan. De verdeling in het buitenland en de commerciële strategie komen in handen van Kronenbourg.

Voor de export van de overige merken blijft Alken Maes zelf verantwoordelijk. De groep realiseert 14 procent van zijn omzet in andere Europese landen. De ambities liggen beduidend lager dan die van Interbrew dat zich via een opmerkelijke aanwezigheidspolitiek in Oost-Europa en Amerika al jaren internationaal profileert. Sinds De Hainaut in het begin van 1999 afgevaardigd bestuurder werd, heeft hij de activiteiten van Alken Maes in exotische bestemmingen afgebouwd.

,,Aanwezig zijn in Japan of Latijns-Amerika is voor ons gewoon naast de kwestie'', zegt De Hainaut. ,,We hebben lang last gehad van een minderwaardigheidscomplex met een gigant als Interbrew naast ons. Nu beseffen we meer de voordelen van Interbrews werk in het buitenland. Onze bieren kunnen meeprofiteren van de Belgische rage die hij mee heeft gecreëerd.'' Alken Maes heeft plannen voor 15 Belgische themacafés in Engeland die het label ,,Belgian Monk'' zullen krijgen.

Even hardnekkig als de aanhoudende geruchten over de nakende beursgang van Interbrew, zijn de speculaties over een mogelijke verkoop van de afdeling bieren van Danone. Het Deense Carlsberg heeft vorig jaar zijn interesse in Kronenbourg al expliciet laten blijken.

Bij Alken Maes heeft men totnogtoe niets onrustwekkends vernomen.