Een Duitse soldaat heeft een drone in handen. Foto: EPA
Onbemande vliegtuigen of helikopters ("drones") vormen in de toekomst een steviger bestanddeel van de journalistiek. Dit heeft de Amerikaanse communicatiewetenschapper Matt Waite van de Nebraska-Lincoln Universiteit donderdag gezegd op de mediaconferentie Scoopcamp in Hamburg. In de komende vijf jaar zullen alle grote mediahuizen minstens met drones experimenteren, zegt Waite.

Met dergelijke kleine toestellen kan je bijvoorbeeld foto’s of video’s maken van crisisgebieden die te voet onbereikbaar zijn. De omvang van natuurrampen is op die manier op enkele uren in te schatten, terwijl daar nu vaak weken voor nodig zijn.

Met drones kunnen verslaggevers ook gegevens krijgen over luchtververvuiling of radioactieve straling - zoals na de kernramp van Fukushima - zonder zelf in gevaar te komen, aldus de mediawetenschapper.

Speelgoeddrone voor prikje

Een ander voordeel voor reporters en mediahuizen is dat drones zeer voordelig zijn: de speelgoedvariant kost enkele honderden euro's , een professionele toepassing slechts enkele duizenden euro's. Dat is volgens Waite veel goedkoper dan satelliettechnologie of het inhuren van een helikopter.

Al moet er eerst wel een kader komen in verband met ethische vragen, zoals de bescherming van de privacy, beklemtoont hij nog.