Op de belastingsbrief kun je dus alle kosten die je maakt om je beroep naar behoren uit te oefenen inbrengen. In de praktijk is dit daarom voor veel mensen, na de inbreng van de woonlening, de grootste aftrekpost.
Forfaitaire kosten
Heb je je uitgaven niet bijgehouden? Geen paniek. Ongeacht of je nu veel of weinig hebt uitgegeven heb je recht op een forfaitaire aftrek, de zogenaamde 'kostenforfait'. Die bedraagt 28,7 procent op de eerste inkomensschijf. Iedereen die een loon ontvangt, heeft recht op deze vorm van korting. Ook in de volgende schalen is er een vrijstelling.
Concreet: voor werknemers en vrije beroepen is dat 28,7 procent tot 5.300 euro. Dat wordt 10 procent voor de schijf daarboven, tot 10.530 euro en dan nog 5 procent tot 17.530 euro. Daarboven is het 3 procent, tot het maximum kostenforfait van 3.670 euro wordt bereikt, bij een jaarwedde van 60.060 euro. Bedrijfsleiders genieten slechts een forfait van 3 procent op hun hele bezoldiging, met een maximum van 2.200 euro.
Bewijzen van kosten
Denk je dat je uitgaven echter hoger liggen dan deze forfait, dan doe je erg goed aan om even aan het rekenen te slaan. Meestal liggen de kosten die je kunt bewijzen toch nog iets hoger dan je op het eerste zicht denkt. Dit zijn een paar van de vaakst voorkomende kosten:
- Je woon-werkverkeer met de auto of moto. Voor de wagen is er een vastgelegd bedrag van 15 eurocent per kilometer. Is je wagen van het type lichte vracht, dan kun je zelfs alle kosten inbrengen.
- De verplaatsingen die in in opdracht van je baas doet met je eigen wagen. Hier geldt de forfait niet, maar je moet de kosten wel post per post bewijzen. Autokosten kun je zo tot 75 procent afschrijven, andere vervoersmiddelen mag je volledig inbrengen.
- Je werkruimte thuis. Voor het gebruik van een bureauruimte in je eigen huis mag je zowel een deel van de aankoopwaarde van het huis, huur of intrest, energieverbruik etc inbrengen. Hoeveel is afhankelijk van hoe groot de ruimte is ten opzichte van je hele huis, en van hoe vaak je van thuis uit werkt. Dat kan ook als verhuurder. Maar aangezien de verhuurder in dit geval zwaarder wordt belast, verbiedt die dat meestal. Best eerst je huurcontract controleren of beroepsmatig gebruik is toegestaan.
- Het gebruik van je computer, tablet en ander kantoormateriaal: Deze mag u aftrekken als u ze beroepsmatig gebruikt. Grote aankopen moet je over meerdere jaren afschrijven, kleine aankopen zoals papier mag je in een keer inbrengen.
Als werknemer geeft men het totaal bedrag van de bewezen kosten aan in rubriek A.18 van vak IV van de aangifte.
BEREKEN ZELF. Voor een uitgebreid overzicht van de aftrekbare kosten, verwijzen we u graag naar onze simulator. Daar kunt u op een eenvoudige manier meteen een berekenen hoeveel beroepskosten u kunt inbrengen.
Werklozen maken ook kosten
Vervangingsinkomsten geven geen recht op een forfaitaire kostenaftrek. Toch kunnen ook werklozen beroepskosten bewijzen. Enkele voorbeelden van kosten die je als werkloze kunt aftrekken:
- Vakbondsbijdrage
- Kosten voor sollicitatie op vraag van de VDAB
- Verplaatsingskosten die te maken hebben met je statuut als werkloze (naar betalingsinstellingen, opleidingen of stages,...)
- Ook de aftrek van kosten van ‘spontane’ sollicitaties is toegestaan, als de werkloze met die sollicitatie vermijdt dat zijn uitkering wordt geschorst.
