Liesbeth Van Impe over Pol Van Den Driessche: Waarom de stilte het echte probleem is

Als de hele discussie rond Pol Van Den Driessche deze week één iets bewijst, dan wel dat we ook in 2012 nog geen goede manier gevonden hebben om ongewenste intimiteiten te bespreken. Alle randthema's zijn intussen de revue gepasseerd. Er is geschoten op de boodschapper, Humo. Er is getwijfeld aan de oprechtheid van de getuigen. Even leek het voorwerp van het debat de burgemeesterstrijd in Brugge. Vervolgens werd de hele problematiek verengd tot het puur juridische: er zijn geen klachten dus er is geen probleem. We kunnen intussen lijstjes maken van vrouwen die geen last hebben gehad van handtastelijkheden. Godbetert, zelfs het debat over de privacy van politici werd er weer bijgesleurd.
Liesbeth Van Impe over Pol Van Den Driessche: Waarom de stilte het echte probleem is
mvn

Allemaal interessant, maar vaak behoorlijk naast de kwestie. Met privacy heeft dit verhaal niks te maken. Het gaat niet over de vraag of Pol Van Den Driessche affaires heeft of had, een vraag die alleen voor zijn echtgenote van belang is. Het gaat over de vraag of hij zijn positie misbruikte om bij tal van vrouwen veel verder te gaan dan die vrouwen leuk vonden. De werkplek is tot nader order geen verlengde van de slaapkamer. Het is ook best sympathiek dat een aantal vrouwen komt zeggen dat zij geen last hadden van het fenomeen Van Den Driessche, maar dat betekent niet dat de andere vrouwen liegen. En zelfs mocht de timing een politieke agenda verraden, maakt dat de vermeende feiten minder erg?



Natuurlijk is de vergelijking met DSK overtrokken. Als er al gelijkenissen zijn, dan is het niet zo zeer in de daden, maar vooral in onze reactie erop. Tot er één vrouw tegen DSK opstond, kon hij net als Van Den Driessche zeggen dat er geen klachten waren. Pas na de eerste beschuldiging vonden sommigen de moed om na jaren hun verhaal te doen. En toen bleken plots veel meer mensen al heel lang te weten dat er iets aan de hand was.



In vele verklaringen van de voorbije week valt vooral de stilte op over de grond van de zaak. En net die stilte is waar het om draait.



De schop onder tafel



Acht jaar geleden was ik een beginnend Wetstraatjournaliste. De reputatie van Pol was hem al voorafgegaan, ik was gewaarschuwd dat hij handtastelijk kon zijn. Tijdens een lunch in de Senaat zat hij de hele tijd over mijn rug te wrijven, niet echt leuk, maar nu ook niet iets om moord en brand om te schreeuwen. Een tijdje later had ik weer prijs. Tijdens een perslunch van N-VA waar we allebei als journalisten waren, voelde ik plots een hand op mijn knie. Ik heb een schop onder tafel gegeven. Zover is Pol daarna nooit meer gegaan.



Voor alle duidelijkheid, ik voel me geen slachtoffer van Pol. Ik heb er geen trauma aan overgehouden en eens Pol de grenzen iets beter respecteerde, kon hij een fijne collega zijn. Wat me de hele week al stoort, is mijn eigen reactie van toen. Ik vond die hand op mijn knie echt niet oké, ik had er ook op geen enkele manier om gevraagd. Het deed me ...

Nog geen abonnee?
Abonneer voordelig om verder te lezen

Lees dS Avond, de digitale krant en Archief+.

Ja, ik neem een proefabonnement

Bekijk onze formules >
Neem een dagkaart >

Reeds abonnee?

Nog niet geregistreerd?

Registreer