Van onze redactrice
Amerikanen vragen hem wel eens waarom zijn konijntjes zo depressief zijn, vertelt Andy Riley. ‘Ik kan alleen maar antwoorden dat het typisch Amerikaans is om dat te vragen – het moet iets met hun psychoanalysecultuur te maken hebben. In Engeland vraagt niemand zich dat af. Daar kijken de mensen naar het prentje en zeggen ze: “Hé, goed gevonden, heel die machinerie om jezelf van kant te maken.”'
Psychoanalytisch of niet, iedereen lijkt de Zelfmoordkonijntjes geweldig te vinden. Van de boeken gingen al meer dan een miljoen exemplaren over de toonbank, in onder meer Europa, de VS, Japan en China. Hun oorsprong was nochtans een dubbeltje op zijn kant. ‘Ik kwam op het idee in de tijd dat ik uitsluitend als televisiescenarist werkte, en weer cartoons wou gaan tekenen. Toen ik met enkele vrienden zat te brainstormen over mogelijke boeken, tekende ik een zelfmoordkonijntje. Maar niemand was geïnteresseerd. Het verdween naar mijn achterhoofd en later besloot ik het toch uit te werken. Ik kreeg leuke reacties, maar ook veel afwijzingen van uitgevers, die het niet commercieel genoeg vonden. Intussen zijn ze het succesvolste wat ik ooit deed.'
Wekt u dan nergens weerstand op met uw zelfmoordgrappen? U lacht toch met iets wat heel gevoelig ligt?
‘Daar blijkt zelden iemand over te vallen. Er is één cartoon die we uit de Japanse versie hebben weggelaten, die met de leprakolonie. Lepra is blijkbaar een onverwerkt trauma in Japan. En in Groot-Brittannië kregen we in het begin wat verontwaardigde reacties, maar die hadden niets met zelfmoord te maken, die gingen over de konijntjes. Onder andere The Rabbit Charity stuurde een petitie naar de uitgever. Iemand heeft me ook eens verteld over een konijn dat, aangezet door mijn boeken, zelfmoord pleegde. Maar dat heb ik nooit kunnen verifiëren.'
Waarom vindt iedereen ze zo grappig, denkt u?
‘Het moet iets te maken hebben met de onschuld van zo'n wit konijntje. Dat dat zo halsstarrig zelfmoorden ensceneert, is onverwacht, raar en hartverscheurend. Ik heb op aanraden van een vriend eens overwogen om het konijntje in te ruilen voor een schildpad, maar dat was echt minder sterk.'
U bent scenarist voor comedyreeksen als ‘Little Britain', ‘Smack the pony' en ‘Black books'. Is tv het ultieme medium voor een grappenmaker?
‘Ik schrijf graag voor tv, maar cartoons zijn dankbaarder. Mensen hebben er bewondering voor, ze beschouwen het als iets wat ze zelf niet zouden kunnen. Terwijl je met tv-comedy het tegenovergestelde ziet. Ik heb al veel erkenning gekregen voor mijn scenariowerk, maar als ik op café vertel waar ik mee bezig ben, ben ik er toch niet gerust op. Heel vaak reageren mensen vreselijk kritisch en komen ze met een heleboel verhalen die “vast en zeker een veel grappiger programma zouden opleveren”. Eén op twee Britse mannen is ervan overtuigd dat hij, als hij al zijn ideeën maar eens zou opschrijven, een duizend keer betere comedy zou maken dan wat er op tv te zien is.'
Verandert de komische smaak van het publiek snel?
‘Die hangt samen met de veranderende mentaliteit, bijvoorbeeld over seks. Je moet tegenwoordig al erg goor doen om mensen daar nog mee te laten lachen. Maar er spelen ook andere dingen. Satire wordt bijvoorbeeld moeilijker doordat de media zo versnipperd raken. Wil je verwijzen naar de actualiteit, dan moet je er rekening mee houden dat die actualiteit voor iedereen iets anders is gaan inhouden. De tijd dat we allemaal hetzelfde journaal zagen, is voorbij.'
Waaraan is het te danken dat er zoveel grappige dingen uit het Verenigd Koninkrijk komen?
‘Goh, dat is moeilijk. Ik denk dat het met vrijheid te maken heeft. We hebben een wat streng imago, maar eigenlijk kan je hier echt heel raar en excentriek doen. Dat werkt bevorderlijk. En bovendien zijn we constant dronken.'
Andy Riley signeert vandaag (16.30 > 18u), zaterdag (13 > 15 en 16 > 18u) en zondag (11 > 12.30u) op de Boekenbeurs, in de stand van Pinceel. Vanavond kunt u in De Nachten een interview met hem bijwonen.
www.misterandyriley.com