Er zijn maar een vijftiental ex-mijnwerkers die pas op 62 jaar met pensioen kunnen gaan, twee jaar later dan tot nu toe het geval was. Voor alle anderen verandert er niets, benadrukte de minister van Pensioenen, Vincent Van Quickenborne (Open VLD) gisteren in de Kamer.
Naar aanleiding van de hervorming van de pensioenen besliste de regering enkele specifieke stelsels af te schaffen. Het gaat om die voor journalisten, zeelui, piloten en mijnwerkers. Na afloop van een onderhoud woensdag op het kabinet van Van Quickenborne uitten die laatsten hun ongenoegen. ‘We werden goed ontvangen: de koffie en de koeken stonden klaar. Jammer genoeg bleek dat de enige positieve noot', zegt Robert Coens, secretaris van het actiecomité Mijnwerkersstatuut.
De minister verzekerde dat er voor de 27.000 mijnwerkers die al met pensioen zijn, niets verandert. Ook voor de 55-plussers die nog aan de slag zijn, wijzigt niets. Ook de 613 zogenaamde ondergronders behouden al hun rechten, net als de 31 mijnwerkers die het recht verwierven om op 55jaar met pensioen te gaan.
Enkel voor een vijftiental ‘bovengronders', die volgens de oude regeling op 60 jaar met pensioen konden gaan, wijzigt er iets. Die leeftijd schuift op naar 62 jaar.
Mijnwerkersstatuut roept alle mijnwerkers op om op 11 maart om 10 uur 'smorgens naar de informatievergadering in Ons Huis in Heusden-Zolder te komen voor verdere beraadslaging over de te ondernemen acties.